Home » Archives for Kees

Auteur: Kees

Bijenzwerm scheppen op grote hoogte met een vorkheftruck

Op de website van de Bijenhoudersvereniging Utrecht e.o. staat een meldpunt bijenzwermen. Een bijenzwerm scheppen is erg leuk. Als imker help je iemand af van de Bijenzwem boven rolluikoverlast van een bijenzwerm en je helpt jezelf aan een nieuw volk. Dit was voor ons de reden om ons ook aan te melden voor de zwermlijst. Afgelopen vrijdag kwam op mijn telefoon een Whatsapp binnen: “Zwerm op bedrijventerrein in de Meern, hangt op ca. 4 meter hoogte aan een lamp tussen twee rolluiken. Ladder aanwezig.” Nou ben ik maar 1m92, dus die ladder vond ik een prettige gedachte. Ik ben meestal wat bangig als het gaat om werken op hoogte, maar dit was te dicht bij waar ik woon om te laten gaan. Dus ik ging erop af.

Zoom in op bijenzwerm

In de periode april-juni kunnen bijenvolken gaan zwermen. Het is het biologische beginsel van vermenigvuldigen door te delen. Een deel van het bijenvolk vertrekt uit de kast en neemt de koningin en een boel voer mee en gaat een ander onderkomen zoeken. Dit doen ze bijvoorbeeld als de ruimte in de kast te klein wordt. De bijenzwerm bouwt een nieuw bestaan op en het achterblijvende volk maakt een of meerdere nieuwe koninginnen. Op imkerpedia of op de website van de BVU eo kun je meer lezen over bijenzwermen. Een imker wil meestal niet dat zijn volk gaat zwermen, want het kost bijen en voer. Imkers in de stad willen ook geen zwerm, want dat geeft overlast.

Dit was geen grote bijenzwerm en interessant genoeg hing hij op twee plekken, een deel aan de lamp en een deel aan het dak. Maar hoe kom je daar nu makkelijk bij? Pieter van het koelbedrijf ernaast stelde voor om de heftruck erbij te pakken. Hij pakte een pallet op en reed eronder. Ik pakte de spullen die ik nodig dacht te hebben daarboven erbij: vegertje, kieps (bijenkorf) en mijn rook en klom op de pallet. Of ik wel tussen de vorken wilde blijven zitten. Toen ik eenmaal op 4 meter hoogte pal onder deze zwerm zat, leek dat me een goed idee.Bijenzwerm aan plantenbak

Normaal als je een bijenzwerm schept geef je een tik tegen de tak waar ze op zitten terwijl je de kieps eronder houdt. De bijen vallen er zo in. Als je de koningin maar hebt, loopt de rest van de bijen er ook in en kun je tegen het vallen van de avond je zwerm ophalen. Dat was hier lastig. Samsung Business Center geeft namelijk niet echt mee, dus die klap zou niet werken. Ik heb besloten om alles erin te vegen en dan te hopen dat het goed zou komen. Dat viel tegen. Toen ik eenmaal beneden stond was de lucht begeven van de bijen en zaten er niet heel veel in mijn kieps. Na een kopje koffie wachten was de korf leeg en bleken de bijen een andere plek te hebben gevonden. Daar kon ik ze wat makkelijker in de korf vegen en ’s avonds zaten de meesten er ook in.

Sinds zaterdagavond staat het volk op de stal in het Willem Alexanderpark. Binnenkort maar eens kijken of er een leggende koningin in zit. Van het koelbedrijf heb ik begrepen dat er geen bij meer hangt, dus de overlast is gelukkig voorbij.

Willem-Alexanderhoning

De bijenvolken in het Willem-Alexanderpark gaan goed. Zelf zo goed dat ze dit voorjaar meer dan voldoende honing hebben verzameld en daarom konden we voorjaarshoning oogsten. De eerste honing uit het Willem-Alexanderpark!

We hebben de honing uit de raat geslingerd en natuurlijk is de Willem-Alexanderhoning te proeven op 25 juni! Wij hebben al geproefd en we zijn bijzonder content over de Willem-Alexanderhoning.

slingeren van Willem-Alexanderhoning

Fibonacci en de bijen

Een tijdje geleden schreef ik een blog over wiskunde en bijen. Het blijft fascineren hoeveel interessante wiskunde in de natuur te zien is. Leuk was ook dat de site www.math4all.nl mijn blogje oppikte en op hun site zette. Dat motiveert om over wiskunde te blijven schrijven op deze weblog. Deze blog gaat over darren en de rij van Fibonacci. Dit is een reeks getallen waarbij elk getal de som is van de twee voorgaande getallen. De eerste twee zijn 0 en 1 daarna volgen dus 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34, 55, 89 en ga zo maar door.

Het huisblad van Natuurmonumenten, Puur Natuur, schreef in het laatste nummer over patronen in de natuur. Een voorbeeld dat ze noemden was de dar, de mannelijke honingbij. Voortplanting bij bijen is interessant, want de mannetjes, darren, hebben geen vader, alleen een moeder. Vrouwtjes, dat zijn werksterbijen en koninginnen, hebben twee ouders: een dar en een koningin. Dit komt omdat een dar uit een onbevruchte eicel voortkomt en een vrouwtjesbij uit een bevrchte eicel. Eén (1) dar heeft dus één (1) ouder, de koningin. De koningin is een vrouwtje en die komt voort uit een bevruchte eicel. Zij heeft dus een vader en een moeder, de dar waarmee we begonnen zijn, heeft dus twee (2) grootouders, een dar en een koningin. Deze twee grootouders hebben 1 (de dar) + 2 (de koningin) ouders. Onze dar heeft dus  drie (3) overgrootouders: 2 koninginnen een dar. 2 koninginnen hebben 4 ouders, een dar 1. De dar heeft dus 5 betovergrootouders. Reken rustig verder en we komen op de volgende reeks per generatie: 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34 … bijen als we de generaties naar boven oplopen en aannemen dat er geen inteelt plaatsvindt. De reeks 1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21, 34 is dus geen toevallige reeks. Het is de reeks van Fibonacci.

Zie hieronder de stamboom van een dar.

bijengeneraties volgens Fibonacci
bijengeneraties

Elke generatie bestaat dus uit het aantal bijen dat gelijk is aan het bijbehorende getal uit de rij van Fibonacci. Denk de dar uit generatie 1 weg en je ziet ook vanaf het vrouwtje in generatie 2 (kan in dat geval een werkster of koningin zijn) een deel vanaf de rij van Fibonacci.

Kijken we eens alleen naar de vrouwelijke voorouders van de dar. Hij heeft 1 moeder, 1 grootmoeder, 2 overgrootmoeders, 3 over-overgrootmoeders, 5 over-over-overgrootmoeders en ga zo maar door.

Kijken we nu eens naar de mannelijke voorouders van de dar. Hij heeft 0 vaders  (0 is ook wel het nulde getal van Fibonacci), 1 grootvader, 1 overgrootvader, 2 over-over-overgrootvaders, 3 over-over-overgrootvaders en ga maar door.

In elke lijn zien we de rij van Fibonacci terugkomen!

De verhouding tussen twee opeenvolgende Fibonaccigetallen is aan het begin van de reeks nog 1:1, 1:2, 1:1,5. Maar convergeert langzaam naar een in de wiskunde interessant getal. Laten we het zevende en het zesde getal eens op elkaar delen. Dat zijn 13 en 8. 13:8=1,625. Het negentiende en het twintigste getal zijn 6765 en 4181. Op elkaar gedeeld geeft dat 1,618. Je ziet we blijven in de buurt. Hoe verder je gaat hoe dichter je het magische wiskundige getal Phi ( φ) nadert. De verhouding 1:φ staat bekend als de mooiste verhouding die er is. En je komt hem in de natuur veel tegen. Zie ook dit filmpje dat ik onlangs op Facebook tegenkwam.

Bijzonder beestje hè, die honingbij?

Verslag van de Open Imkerijdagen

Afgelopen 11 juli was onze bijenstal in het Willem-Alexanderpark in Leidsche Rijn open tijdens de Landelijke Open Imkerijdagen. Liesbeth en Caroline vertrokken al vroeg in de ochtend om bewegwijzering aan te brengen en de NBV-vlag te hijsen. Ook Elmarie, Frouckje en Chaleh kwamen ons helpen. Mijn angst van tevoren dat er meer mensen zouden komen helpen dan er bezoekers zouden komen, bleek al heel snel ongegrond. In de ochtend was het een komen en gaan van mensen. Een klein verslag van de dag in foto’s.

’s Morgens leidde Fred Booij ons rond door het park waar een heleboel bijvriendelijke planten staan.

BusyBeezzz_imkerijdag_IMG_2161

Bijna iedereen durfde het aan om een kijkje in de stal te nemen en door de glazen dekplaten onze bijen te bekijken. Jong en oud luisterde gefascineerd naar wat we konden vertellen over ze. Ook werd er veel honing geproefd en gekocht.

IMG_3543

Waar we ook erg blij mee zijn is de beschildering van onze kasten. Kale kasten werden opgevrolijkt met tekeningen van bloemen, bijen, vogels en de zon! Want er kwamen ook veel kinderen een kijkje nemen!

BusyBeezzz_imkerijdag_IMG_2264


Kortom het was een geslaagde dag en we hopen volgend jaar weer de stal open te stellen voor geïnteresseerden. Een ander fotoverslag vind je op de site van busybeezzz. Daar heeft Frouckje, die ook een paar van bovenstaande foto’s heeft gemaakt een blog met foto’s van de Open Imkerijdagen gepost. Klik hier.

more than honey

More than Honey

In Zwitserland was lang geleden een imker waarvan zijn kleinzoon zou zeggen: “Hij bouwde zelfs een huis voor zijn bijen!” Die kleinzoon is nu zelf opa en gevierd filmmaker bovendien. Toen ook zijn dochter en schoonzoon voor de biologie kozen en deel gingen uitmaken van een bijzonder Australisch bijenonderzoeksteam, kon hij het niet meer nalaten om een documentaire te maken over de honingbij. Het resultaat van vijf jaar filmen en monteren is het visuele meesterwerk More than Honey. De Italiaanse titel is misschien nog wel veelzeggender: Un mondo in pericolo. Dat dekt ook zo’n beetje de lading van de film. De wereld is in gevaar door massale bijensterfte. Zijn naam: Markus Imhoof.

More than Honey is een film van tegenstellingen en is opgebouwd uit portretten van diverse imkers. Zo staan John Miller van Miller Honey Farms en Fred Jaggi, traditioneel imker uit Zwitserland lijnrecht tegenover elkaar. Waar Miller de American Dream leeft – We must grow, we’re captalists – vinden we Jaggi terug in een verlaten alpenweide en vervloekt hij elke bij die niet uit zijn dal komt. Als Jaggi’s koningin gele bijen voortbrengt, onthoofdt hij haar met zijn vingernagel.  Miller gaat het voor het geld, waar hij bijen hoort zoemen, hoort hij versgeperste bankbiljetten. Jaggi is een man van de traditie die diepbedroefd toeziet hoe een volk vergast moet worden vanwege vuilbroed. Exemplarisch is de wijze waarop de beide mannen geïntroduceerd worden. Fred Jaggi sjokt gekleed in Lederhosen, met onder zijn arm een zesramertje en over zijn schouder een houten trapje, zijn minsten 75 jaar oude lijf de berg op. Hij zet zijn ladder onder een boom, klimt omhoog en schudt een zwerm in zijn kastje. John Miller rijdt de film binnen door een schier eindeloze amandelboomgaard in zijn Toyota 4X4 Pickup, om slechts gekleed in een Hawaï-shirt en een linnen broek de interviewer te woord te staan.

Het volgende contrast is dat tussen Fred Terry en Zhao Su Zhang. Waar de Texaan Fred na veel plussen en minnen besloten heeft zich te richten op het houden van de geafrikaniseerde bij, beter bekend als Killer Bee of african bee, een bij waarvan je zou zeggen dat je die liever kwijt dan rijk bent, moet Zhang uit de streek Hanyuan in de provincie Sichuan (China) het stellen zónder bijen. Er heerste namelijk ooit een mussenplaag in de Volksrepubliek China. Mao liet ze uitroeien. Het gevolg was dat de insecten geen natuurlijke vijand meer hadden, dus dat werd ook een plaag. Mao zorgde goed voor zijn volk, dus nu is er geen insect meer te vinden in delen van China. Chinezen moeten dus noodgedwongen uitvinden dat niet de mens, maar de bij de betere bestuiver is. Overigens is deze lezing niet geheel zonder controverse. Misschien denk je: liever geen bij dan de killer bee, maar de killer bee heeft zo zijn voordelen. De bij is oersterk, waar de normale volken last hebben van allerlei kwalen en ziektes, tapt Terry elk jaar weer zijn potjes honing. Hij filosofeert onderhand over hoe zijn land zijn best doet om ongewenste vreemdelingen buiten te houden. De african bee, kon niet gestopt worden door kilometers lang hekwerk langs de Mexicaanse grens. En Fred helpt huizenbezitters graag af van de ongewenste vreemdeling die onder zijn dak is komen wonen. Niemand wil een killer bee op zolder, Fred neemt hem wel mee in een kast.

Naast deze verhalen komt ook nog een koninginnenkweekster, en verschillende bijenonderzoekers voor in de film. More than Honey zit barstensvol interessante weetjes over bijen en bevat prachtige beelden van midden in bijenvolken, de film opent met de geboorte van een bijenkoningin. Het is meesterlijk hoe dit in beeld gebracht is. Deze film is een absolute aanrader.

 

Praktijkles op de Plutodreef

Afgelopen zaterdag had ik mijn eerste praktijkles in de bijenstal op de Plutodreef. Ik vond het leuk om te leren met mijn blote handen raampjes bijen op te pakken zonder gestoken te worden. Het was te koud om uitgebreid te controleren. Van de vier lesvolken die op de bijenstal stonden, hebben we het sterkste volk bekeken. Eén voor één mochten we een raampje optillen en aan de anderen laten zien. Eén van mijn medecursisten heeft een sfeerimpressie gemaakt. We zien cursisten die erg hun best doen om rustig en in slow motion de raampjes op te pakken en om te draaien. Boze bijen waren er niet, er is maar één keer gestoken. Deze praktijkles is de eerste in een reeks van 10 lessen. Als ik deze succesvol afrond en ik haal het theorie-examen, mag ik me in oktober net als Liesbeth gediplomeerd imker noemen.

De wiskunde van de honingraat

Veel mensen hebben een hekel aan wiskunde, ik niet. Ik vind het juist mooi om wiskunde terug te zien in de natuur. Zo is er het bekende voorbeeld van de gulden snede, een bijzondere verhouding die je in heel veel dingen in de natuur terugziet. De interessantste vraag die een wiskundige kan stellen aan bijen is: “Waarom maken jullie een bijenraat in precies die vorm?” Een bijenraat of honingraat heeft namelijk een opvallend regelmatige structuur. Stel je een campingterrein voor. Iedereen mag zijn tent zetten waar hij maar wil. Op een gegeven moment is het terrein vol. Er zal een soort van structuur ontstaan zijn, op een gezinscamping wellicht iets meer dan op het campingveld van Lowlands, maar om nou te spreken van een regelmatige opvulling van het veld? Nee. En zelfs als er een centrale leider is die mensen aanwijzingen geeft waar ze mogen staan en hoe, dan nog zal de vulling van het veld niet zo mooi regelmatig zijn als de vlakvulling van de honingraat.

ID-10025135
Afbeelding afkomstig van nattavut op FreeDigitalPhotos.net

Er bestaat een vermoeden dat de honingraat, of voor wie wil een regelmatige vlakvulling van hexagonen, de best mogelijke manier is om een oppervlak in gebieden te verdelen met dezelfde oppervlakte. Dit vermoeden is ouder dan onze jaartelling, maar is pas in 1999 door de wiskundige Thomas Hales bewezen. Laten we de honingraat eens onder de loep nemen. We zien maar één vorm: de regelmatige zeshoek of hexagoon. We noemen hem regelmatig als alle zijden even lang zijn en de hoek tussen elke twee aan elkaar grenzende zijden even groot is. In het geval van een zeshoek 120°. En met deze vorm wordt het hele vlak gevuld. We noemen dit een regelmatige vlakvulling. M.C. Escher is ook beroemd van vlakvullingen, maar die zijn niet regelmatig.

Afbeelding afkomstig van Idea go op FreeDigitalPhotos.net
Afbeelding afkomstig van Idea go op FreeDigitalPhotos.net

Hoe zijn die beestjes nou precies op deze vorm gekomen? Als je een vlak wilt vullen, zou ik voor dezelfde vorm kiezen en daar het hele vlak mee opvullen. Want anders krijg je teveel snijverlies. We zoeken dus naar een vorm die prettig is voor de bijen om honing in op te slaan, eitjes in te leggen en stuifmeelkorrels op te slaan. Én deze vorm moet ook een heel vlak kunnen opvullen. Een cirkel zou optimaal zijn, want die heeft het minste oppervlak per inhoud, dus bijen hebben het minste was nodig per cel. Cirkels hebben echter een nadeel, je kunt er geen vlak mee opvullen. Bekend is het probleem van sinaasappels of kanonskogels stapelen. Bollen kun je dicht op elkaar stapelen, maar er blijft altijd ruimte tussen. Jaren hebben wiskundigen gezocht naar de meest efficiënte stapelwijze? De astronoom  Kepler zei in 1609 deze gevonden te hebben. Zijn vermoeden werd in 1998 bewezen door … Thomas Hales.

Er zijn exact drie regelmatige betegelingen mogelijk. Die van de gelijkzijdige driehoek, die van het vierkant én die van de hexagoon. De honingbij is zo slim geweest om de betegeling te nemen met het regelmatige veelvlak dat het meest op een cirkel lijkt. Ingenieus beestje.